Het Cluysenaar station van Zandbergen
Een kort historisch overzicht
In 1842 opteert men voor het project van Dubois-Nihoul voor de aanleg van een kanaal van Jemappes (bij Mons) tot Dendermonde dat de loop van de Dender volgt. Gebrek aan kapitaal doet het project de das om.
In 1846 wordt de Société Anonyme du Chemin de fer et canal de la vallée de la Dendre met Engels kapitaal opgericht, maar door onvoldoende belangstelling van de investeerders werd de maatschappij ontbonden en werd bij K.B .van 1 mei 1852 de Société Anonyme du chemin de fer de Dendre-et-Waes et de Bruxelles vers Gand par Alost.
De Société Anonyme du chemin de fer de Dendre-et-Waes et de Bruxelles vers Gand, par Alost legt een spoorweglijn aan vanaf Brussel naar Denderleeuw met een zuidelijke lijn richting Geraardsbergen en Ath, een noordelijke lijn richting Aalst waar de lijn zich splitst in een vertakking richting Gent en een richting Dendermonde en Lokeren. Deze spoorlijn met Belgische financiers (Société Générale) had als doel de steenkool uit de Borinage via Geraardsbergen en Aalst naar oa. Gent en Nederland te brengen.
Aanleg van spoorlijnen
- Aalst – Dendermonde (12 km) in gebruik genomen op 09/06/1853
- Aalst – Geraardsbergen (30 km) in gebruik genomen op 07/04/1855
- Geraardsbergen – Ath (18 km) in gebruik genomen op 01/12/1855
- Dendermonde – Lokeren (14 km) in gebruik genomen op 13/02/1856
- Aalst – Schellebelle (10 km) in gebruik genomen op 01/05/1856
- Brussel – Ternat – Denderleeuw (24 km) in gebruik genomen op 10/05/1856
Er werd in totaal 108 km spoor aangelegd door de Société Anonyme du chemin de fer Dendre-et-Waes et de Bruxelles vers Gand par Alost.
Biografie Jean-Pierre Cluysenaar
Voor de bouw van de stations op deze lijn werd beroep gedaan op de Brusselse architect Jean-Pierre Cluysenaar.
-
Geboren in 1811 in Kampen-aan-de-Ijsel (Nederland).
-
Hij verhuist in 1817 naar Gosselies.
-
De vader van Jean-Pierre Cluysenaar werkt ten tijde van het Hollands bewind als ingenieur bij Bruggen en Wegen.
-
Op 16-jarige leeftijd werkt hij in dienst van professor Smochtins, die op zijn beurt werkt in dienst van architect Suys (hofarchitect van Willem I, prins van Oranje) en die de werken coördineert aan de koninklijke gebouwen.
-
Van 1831 tot 1835 is Cluysenaar Suys’ medewerker.
-
Levert zijn visitekaartje af als architect van de Sint-Hubertusgalerijen in Brussel (opengesteld voor het publiek op 1 juli 1847).
-
Hierna volgt een hele reeks monumenten, kastelen, kerken, hotels, burgershuizen.
-
In ontwerpen zoals bij de Magdalenamarkt toont hij zich de voorloper van het eclectisme : in één ontwerp verschillende stijlen toepassen, maar zonder ze met elkaar te vermengen.
-
Sterft in de nacht van 16 op 17 februari 1880 te Brussel.
Visie van Cluysenaar op de spoorwegarchitectuur van de Dender-Waaslijn
Cluysenaar ontwerpt een groot aantal stations op deze lijn. Zijn ontwerpen kent hij een ideologie toe.
Citaat van Jean-Pierre Cluysenaar :
Dankzij het artistiek gevoel van de Maatschappij heb ik me aan de tot nu toe in België gangbare traditie kunnen onttrekken en me een idee kunnen vormen van de bestemming van elk gebouw en van de aard van zijn omgeving.
Al te veel is eentonigheid een oorzaak van verveling op een spoorweglijn waar de rails op identieke wijze blijven doorlopen en waarvan de gebouwen elkaar eenvormig blijven opvolgen. Zelfs vanuit een trein die op volle snelheid rijdt, houdt de reiziger ervan om naar verschillende voorwerpen te kijken die van tijd tot veranderen.
Verschillende soorten spoorweggebouwen
-
Wachtershuisjes : nooit uitgevoerd
-
Halten : Gijzegem, Rebaix, Idegem, Schellebelle Acren, Zandbergen en Papignies . Het oorspronkelijke station van Idegem werd eind 19de eeuw vervangen door een groter (niet-Cluysenaar) station !
-
Landelijke stations : Lede, Ternat, Denderleeuw en Zele
-
Stadsstations : Geraardsbergen, Ninove, Lessines, Dendermonde, Aalst en Lokeren
Cluysenaar bracht in 1855 zelf een boek uit met de ontwerpen van de stations en wachtershuisjes (die echter nooit werden gebouwd) van de Chemin de Fer de Dendre et Waes. In 1859 gaf de architect ook een boek uit over andere ontwerpen. (CLUYSENAAR, Jean-Pierre. Maisons de campagne, chateaux, fermes, maisons de jardinier, garde-chasse et ouvriers, etc. executes en Belgique. Bruxelles. B. Van der Kolk. 1859)

Zandbergen
Kenmerkend is de toegang voor de reizigers via het perron, privé-gedeelte via de straatzijde. De natuur is bij het ontwerp een belangrijk uitgangspunt voor Jean-Pierre Cluysenaar.
Cluysenaar ontwierp een kleurrijk stationsgebouw (met zaldeldaken) van 13 traveeën, waarvan 5 traveeën hoger opgetrokken zijn met een dominerende torenvormige risaliet (rondbogen in de risaliet). Het middengedeelte heeft op de begane grond een overdekte doorgang met links en rechts een pergola. De gekleurde dakpannen en het fraai gebeeldhouwde houtwerk verhogen het pittoreske karakter van dit station. Begin 20ste eeuw werden twee gelijkvloerse zijvleugels toegevoegd terwijl de vooruitspringende middenpartij werd dichtgemaakt en de pergola’s verdwenen.
Zandbergen heeft een symmetrisch opgebouwd grondplan, opgesplitst in een openbaar gedeelte en een woongedeelte. Er is een wachtruimte voor de reizigers en een bureau waar de ticketten verkocht worden. Het bureau van de chef is rechtstreeks verbonden met de wachtplaats. Dit bureau ligt centraal in het gebouw en is rechtstreeks verbonden met de traphal, zodat de stationschef onmiddellijk de hoger gelegen privé-vertrekken kan bereiken.
Aan de andere zijde bevindt zich een magazijn dat zowel met het perron als met het bureau in verbinding staat. De goederen kunnen zo rechtstreeks in het station worden binnengebracht.
De inkom is net als bij de andere plattelandsstations gelegen aan de perronzijde. De privé-inkom ligt langs de andere kant. Een apart sanitair blok staat los van het eigenlijke stationsgebouw.
Het privé-gedeelte situeert zich op de eerste en de tweede verdieping. De inwoners beschikken over een privé-inkom die uitgeeft op de traphal. De kamerindeling van het gelijkvloers wordt meestal overgenomen op de hoger gelegen verdiepingen.
Materiaalkeuze
Alle gebouwen zijn opgetrokken in Boomse papensteen van 18 cm lengte en gebakken op sparrehout wat de steen een mooie rode kleur geeft. De plinten en banden zijn van blauwe hardsteen uit Maffle of uit Soignies. De kroonlijsten en het versneden hout werden gemaakt uit Noorse den. Voor de daken gebruikt Cluysenaar platte dakpannen met dubbele rand afkomstig uit de fabriek Josson en Delanghe uit Antwerpen. De vermenging van rode en blauw-zwarte pannen verschaft een aangenaam zicht.
Beschermd monument
Bij ministerieel besluit van 20 juni 1991 (Belgisch Staatsblad van 27 september 1991) werd het station van Zandbergen op de lijst van beschermde monumenten geplaatst wegens de industrieel-archeologische, historische en beeldbepalende waarde. De omgeving werd tegelijk als dorpsgezicht beschermd (ook het wachtershuisje aan de overkant). De zichtkaart toont ons het station anno 1910 inclusief wijkspoor.

Van Philippe Haegeman kreeg ik deze prachtige kaart van het station van Zandbergen toegestuurd. Dit is pas genieten… iedereen poseert anno 1920 voor de stoomtrein die net in Zandbergen aankomt en verder richting Geraardsbergen zal sporen. Waar nu pendelaars op hun trein richting Denderleeuw of Aalst wachten, draaide een eeuw geleden de lokale industrie (met behulp van een schop !) op volle toeren. Bemerk ook de ladder aan de gaslantaarn ! De postkaart is in groter formaat te bekijken op de webstek Spoorwegknooppunt FGRA !

Op 23 mei 1993 werd de loketfunctie voorgoed afgeschaft. En dan te bedenken dat hier in 1904 nog openingsuren waren waar je alleen maar van kon dromen… tijdens de week (en op zaterdag, ja ook een werkdag hé) open van 9 tot 12 en van 14 tot 19u, ’s zondags open van 14 tot 17 uur.
Maar we zijn meer dan 10 jaar later en de NMBS heeft al die tijd geen vinger uitgestoken om het gebouw als een goed huisvader te beschermen en te renoveren. Op 8 januari 2002 gaf de gemeenteraad van Geraardsbergen zijn principiële goedkeuring om het stationsgebouw van Zandbergen aan te kopen (schattingsprijs 41.026,38 euro). Het stadsbestuur wou van het stationsgebouw een toeristisch-cultureel ontmoetingscentrum maken.
Half september 2003 verscheen in Het Nieuwsblad (Denderstreek) een artikel dat de overname door het stadsbestuur “nog lang niet zo ver is”. Op 6 maart 2004 verscheen in Het Nieuwsblad een artikel over de restauratie van het station Okegem. Nadien wordt er een themacafé in ondergebracht.

Tijdens een rondje “Vragen en Antwoorden” in ons Belgisch parlement (ingediend op 24/02/04 en beantwoord op 29/03/04) stelde de Geraardsbergse volksvertegenwoordiger Guido De Padt een vraag over dit beschermde station aan de bevoegde minster van Overheidsbedrijven Johan Vande Lanotte. Vande Lanotte kon alleen maar meedelen dat de ruwbouw eigenlijk nog in een bevredigende staat verkeert en dat de NMBS geen middelen heeft om het gebouw te renoveren.
Het in mijn ogen eens zo prachtig pareltje op de Dender-Waaslijn kan nu verder zichzelf slopen. Maar uit het antwoord van de minister blijkt ook dat er kandidaat-kopers zouden zijn en dat het station binnenkort opnieuw te koop wordt gesteld. De Padt had aangedrongen om het pand tegen de symbolische frank (euro) aan de stad Geraardsbergen af te staan, doch wil men niet afwijken van de schattingsprijs. Wie weet of privé-initiatief het mooiste station op Geraardsbergs grondgebied toch kan redden ? Van de NMBS vernam ik in juni 2006 dat het station in 2005 werd verkocht.
Tentoonstelling 19 – 28 september 2008
Van 19 tot 28 september 2008 werd er in het kader van de G’Dorpen een tentoonstelling georganiseerd in het station van Zandbergen. Meer info en foto’s hier :
Ik nam in de loop van februari en maart 2003 enkele foto’s van het station en zijn omgeving (Jan de Coomanstraat, vroeger Statiestraat).
Voorzijde van het station (kant spoor)
De toestand van het gebouw is dramatisch te noemen. In de loop van de jaren ‘90 heeft de NMBS om vandalisme en krakers tegen te gaan, de ramen en toegangen afgesloten met houten planken. Op het originele ontwerp kunt u zien welke zijvleugels werden toegevoed op het einde van de 19de eeuw. Langs de rechterkant werden ook toiletten aangelegd…
Enkele nieuwe foto’s genomen op 17 oktober 2004. De witte panelen werden donkerbruin geschilderd. Voetgangers uit de richting Denderleeuw komen gewoon op straat terecht, aangezien de ingang langs het poortje werd dichtgemaakt. In Zandbergen kan blijkbaar alles…
Achterzijde van het station
Ook hier een dramatische aanblik. Het mag wel duidelijk zijn dat de hoofdgevel van het gebouw gericht is naar het spoor toe !
Nevengebouw
Dit gebouw staat los van het station en naar ik veronderstel werd naast de vergroting van het plattelandsstation met de zijvleugels ook dit gebouwd (?). Dit gebouw is vrij toegankelijk en dit is er ook aan te zien getuige de rommel !
Woning en wachtershuisje kant richting Aalst
Het ontwerp van J.P. Cluysenaar voor een wachtershuisje werd nooit uitgevoerd. In plaats hiervan kwam een standaardwachtershuisje typische “Belgische Staat”. Begin 2004 was het wachtershuisje echter onbewoond en werd om vandalisme tegen te gaan een houten plank voor het benedenvenster geplaatst.
copyright alle foto’s : Steven De Schuiteneer
Beste,
graag had ik geweten hoe het met het stationsgebouw in Zandbergen gesteld is? We zijn nu reeds een jaar na de tentoonstelling die werd gegeven omtrent de architectuur van Cluysenaar. Via foto’s op de site kon ik zien dat er hier en daar wel nog iets van het interieur bewaard is gebleven. Daar ik een studie maak omtrent interieurs van stationsgebouwen zou ik heel graag het gebouw bezoeken. Weet u of dit mogelijk zou zijn en bij wie ik hiervoor terecht moet?
Met vriendelijke groeten,
Elaine
Ik kan u spijtig genoeg geen verdere info verstrekken.